Van Cape Tribulation naar Byron Bay

Niet zoals eerst gepland, maar nu ik toch tot in Cairns was gereden besloot ik om nog wat meer noordwaarts te rijden richting Cape Tribulation. Na een kijkje te nemen in Daintree, waar de “crocodile-tours” en dito waarschuwingsborden in groten getale aanwezig zijn, moest ik de ferry nemen om tot in Cape Tribulation te geraken.
Er zijn slechts twee wegen die naar Cape Trib leiden, één die vanuit het noordelijk gelegen Cooktown komt en een dirt-road is, of diegene die ik nam vanuit het zuiden. Cape Tribulation ligt naast de oceaan, en midden in het regenwoud. Het is maar een heel klein dorpje, dus veel valt er niet te beleven, op de wandelingen door het regenwoud na dan.
Ik verbleef op een nabij gelegen kampeerplaats, waar zich op het domein ook een kleine resto bevond met wat slangen in kooien, en net op het moment dat ik er aan het genieten was van een milkshake, kwam iemand ze voederen (iets wat maar één keer per week gebeurd). Maaltijd van de week: een rat, en ongelofelijk om te zien hoe zo’n slang die rat in z’n geheel naar binnen slokt. En dat was nog maar een kleine slang…

‘s Avonds toen ik wat aan het eten was in de kampkeuken, kwamen twee koppels uit Nederland erbij zitten, zo ergens eind de 50 schatte ik hun leeftijd, die in een campervan Australië aan het rondtrekken waren. Maar na een korte babbel kroop ik snel in mijn tent, want de volgende dag stonden terug heel wat kilometers voor de boeg.
Ik had nagevraagd in welke conditie de dirt-road naar Cooktown was, en aangezien het regenseizoen op zich liet wachten was er totaal geen probleem om die op de KLR te doen. Maar na een aantal kilometers kwam ik al aan de eerste creek-crossing, ik parkeerde mijn moto langs de kant en wachtte tot iemand uit de tegenoverstelde richting kwam om even te polsen hoeveel van die ondergelopen wegen op de weg lagen. Het bleken er maar twee te zijn, dus besloot ik door te rijden. De eerste crossing was redelijk oké, het water was helder en ondiep, dus kon ik er gemakkelijk door rijden. De tweede weliswaar was iets groter, het water was bruin zodat ik niet kon zien hoe diep het was en waar de stenen lagen, een uitdaging! Om weer geen twee dagen met natte botten te moeten rondrijden, verwisselde ik ze met mijn all-stars, om zo door het water te peddelen. Op het moment dat ik de oversteek wou doen, kwam een 4WD aangereden, die stopte en wie zat erin: de vier hollanders! Ze waren met een gids een dagje aan het rondtoeren, en de gids nodigde mij uit om net na de creek-crossing een kopje koffie mee te drinken, leuk!
De dirt-road was super, en met mijn twee nieuwe banden en ketting ging het nog zo vlot. In Cooktown ging ik meteen naar de lookout, waar ik even stopte voor een lunch (lees: zelfgesmeerde boterhammen met tonijn). Vanaf hier zou het weer zuidwaarts rijden zijn..

Het was al redelijk laat aan het worden toen ik in Mareeba aankwam, en na mijn proviand aangevuld te hebben in de supermarkt besloot ik om hier de lokale camping op te zoeken, die bij aankomst goed vol bleek te zitten.
Wanneer ik mijn tent aan het opzetten was, kwam er plots een Aziatisch meisje vragen of ze mocht kijken, ze had dat nog nooit gezien. Bleek dat ze ook 29 jaar was, nooit naar school geweest, hier nu aan het werken was op een banana-farm, en leven in een staan-caravan.. jep, het leven zoals het is :)
Ik was net klaar, toen er een kleine jongen van een jaar of zeven, mij een flesje bier kwam geven. Ik vroeg hem van wie dat was, en bleek van zijn vader te zijn, die wat verder zat te kamperen. Ik ging goedendag gaan zeggen, en uiteindelijk belandde ik enkele uren laten -goed gezegend- in mijn tent. ‘s Anderendaags was het iets minder leuk rijden, als je begrijpt wat ik bedoel ;)

Terug naar Airlie Beach voor kerstmis, maar de 23ste december was het serieus aan het regenen, dus was ik goed doorweekt toen ik op de camping aankwam, en er twee nachten boekte. Het plan was om nog even een cruise te doen naar Whithaven Beach, maar aangezien het weer zo slecht was heb ik er mijn geld niet aan gegeven, ten slotte is het terug een wit strand met blauw water, iets wat ik al eerder gezien had, maar dan in een andere vorm..
Kerstavond was dus op’t gemak in mijn tentje, op de camping was er een live-band en gratis bbq-worst te verkrijgen, eens iets anders dan de traditionele kerst-menu’s, maar ‘t heeft in ieder geval gesmaakt!

Na twee dagen kwam ik terecht in de Bunya Mountains, ook weer een regenwoud waar een speciaal type boom terug te vinden is: Bunya tree. De kampeerplaats was middenin het regenwoud, op een open plaats waar vroeger een timber-trown aanwezig was. Ik raakte er aan de praat met Ian, die mij een biertje aanbood, en waar ik uiteindelijk samen met zijn vrouw en dochter de avond heb mee doorgebracht en mocht mee eten. Alweer fantastische mensen! :)
‘s Morgens deed ik de uitgestippelde wandeling door het regenwoud, een ideale ochtendwandeling!

Ik naderde tot Byron Bay, waar Daniël logeerde, die jullie misschien nog herinneren van de Great Ocean Road blogpost. Het was een snikhete dag, en met de vakantie was het ontzettend druk, en op zo’n 5km van het centrum (de kust) was het file, één die ik te laat had opgemerkt door het kijken naar iemand die langs de kant van de weg in panne stond, dus na een bruuske rempoging reed ik in de achterkant van de file in op een witte Mitsubishi, die vol zat met Aziatische backpackers. Ik was gelukkig al tot een redelijke snelheid gedaald op het moment van de klap, maar mijn moto viel om en ik vreesde het ergste. Tot mijn verbazing was er niks aan mijn moto, en enkel wat kleine schade aan de auto, maar de Aziaten vonden het niet erg, en een motorrijder die uit de tegenovergestelde richting kwam stopte om mij te helpen de KLR recht te zetten. Oef, dat was toch serieus verschieten!
Ik ben dan vlug doorgereden, langs de file, om te voorkomen dat de Aziaten toch nog van gedacht zouden veranderen, en ik mij ging mogen bezig houden met verzekeringspapieren in te vullen..
Na wat bij te praten met Daniël, begon het plots zwaar te overtrekken, dus ik vertrok snel, maar het onweer was er te snel en ik belandde in een zware regenbui. Ik had geen zin om in dit weer mijn tentje op te zetten in een veel te dure campingplaats, om dan mijn kletsnatte kledij niet te kunnen drogen, dus trakteerde ik mezelf op een motel, een beetje luxe na 8 nachten kamperen mocht wel eens! Zo kon ik mijn kledij drogen, en nog eens in een goed bed slapen.

Ondertussen was het al 28 december, nog twee dagen/nachten om in Sydney te geraken voor nieuwjaarsavond! Een slaapplaats had ik er niet, hoe dat allemaal zou aflopen was toen nog een groot vraagteken…

2 Comments